Taliban

Taliban

In 2001 begonnen de Verenigde Staten hun missie Enduring Freedom om in Afghanistan de Taliban van de troon te stoten. De situatie is nog altijd schrijnend en maar weinig Afghanen zijn erop vooruit gegaan. De EU noemt Afghanistan een "failed state." Zij baseert deze typering op het feit dat er weinig functionerende officiële en politieke instellingen zijn en dat het de regering niet lukt om haar burgers van basisbehoeften als onderwijs, woonruimte, gezondheidszorg en voeding te voorzien.

De EU stelt dat de internationale gemeenschap alles moet doen om de vicieuze cirkels van geweld en armoede te doorbreken en dat het land het vooruitzicht op vrijheid en ontwikkeling geboden moeten worden. De EU probeert zoveel mogelijk steun te geven bij de verdere democratisering van Afghanistan, onder meer door het zenden van waarnemers bij verkiezingen.

1.

De EU en de internationale gemeenschap

Er is in 2004 berekend dat de Europese Unie en haar lidstaten de daaropvolgende jaren gezamenlijk ongeveer 30% zouden bijdragen aan het bedrag van 12,5 miljard dollar dat de internationale gemeenschap heeft toegezegd om Afghanistan op te bouwen. In 2006 is in Londen besloten dat dit bedrag werd aangevuld met 2,4 miljard dollar. In mei 2009 heeft de Europese Commissie besloten om 35 miljoen euro extra beschikbaar te stellen voor humanitaire hulp.

Dit geld is bedoeld voor mensen die het hardst zijn getroffen door het gewapende conflict en door natuurrampen. In juni 2011 was de Europese Unie en haar lidstaten een van de belangrijkste donoren aan Afghanistan. Verwacht wordt dat de Europese Commissie 600 miljoen euro zal besteden in de periode van 2011-2013. Landbouw, bestuur, gezondheid en regionale samenwerking hebben hierbij prioriteit.

Aan de Amerikaanse missie in Afghanistan, Operation Enduring Freedom , deden vier EU-lidstaten mee. Dit waren Tsjechië, Frankrijk, Polen en Roemenië (de laatste was aan het begin van de missie nog geen lid van de EU). Verder leverden alle overige lidstaten, behalve Cyprus en Malta, troepen aan de ISAF-missie die onder bevel stond van de NAVO. Momenteel doen meer dan 35 landen mee, met 35.000 militairen.

De Europese Unie heeft naast ISAF ook een eigen missie genaamd de Europese Politie Missie Afghanistan (EUPOL). Deze missie is in 2007 van start gegaan met als doel een bijdrage te leveren aan de totstandkoming van een goed en zelfstandig functionerende politiemacht die voldoet aan internationale normen. De missie staat onder Afghaans toezicht.

EUPOL richt zich voornamelijk op training, begeleiding en advisering van het politieapparaat op centraal, regionaal en provinciaal niveau. Aan de missie werken 27 landen mee, waaronder 23 EU-lidstaten. Ook Nederland draagt hieraan bij. In november 2011 werd bekend dat de missie verlengd is tot eind 2014. Ook daarna is de EU bereid om Afghanistan te blijven helpen bij het versterken van zijn politiemacht en het verbeteren van de justitiële instellingen. Ook gaat de EU met Afghanistan onderhandelen over een samenwerkingsovereenkomst voor de lange termijn. Daarbij blijft de financiële steun van de EU op zijn minst gelijk in de komende jaren.

Afghanistan-conferentie

Op 31 maart 2009 werd in Den Haag de Internationale Afghanistan-conferentie gehouden. Deze conferentie over de toekomst van Afghanistan was een vervolg op eerdere conferenties die sinds 2001 hebben plaatsgevonden. Er waren 80 landen en organisaties aanwezig waaronder Iran en de Verenigde Staten (VS).

Hamid Karzai, president van Afghanistan, verklaarde dat voor een succesvolle bestrijding van de opstanden een gemeenschappelijke, alomvattende en werkbare strategie nodig is. Verder was hij blij met de belofte van de Amerikaanse president Barack Obama om 4000 militaire instructeurs en 17000 extra militairen te sturen. De top wordt wereldwijd als een succes gezien. Ook Javier Solana, toenmalig Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlands en Veiligheidsbeleid, was enthousiast: "Ik heb nog nooit zoveel steun gezien voor ons gemeenschappelijke doel: een stabiel Afghanistan in een stabiele regionale context".

Tijdens de top beloofde president Karzai om de verkiezingen van augustus 2009, eerlijk en vrij te laten verlopen. EU-waarnemers constateerden echter dat er op grote schaal was gefraudeerd. In oktober besliste de Afghaanse kiescommissie uiteindelijk dat er op 7 november een tweede ronde moest plaatsvinden tussen president Karzai en diens rivaal oud-minister Abdullah. Nadat Abdullah zich had teruggetrokken, werd Karzai tot winnaar uitgeroepen en werden de verkiezingen afgeblazen.

Op 20 juli 2010 werd opnieuw een internationale conferentie gehouden, ditmaal in Kaboel. Het betekende de grootste internationale top die ooit in Afghanistan was georganiseerd. Tijdens deze top uitte president Karzai zijn wens dat Afghanistan vanaf 2014 weer de touwtjes in handen heeft wat betreft het veiligheidsbeleid. Dit streven wordt door veel experts als te ambitieus gezien, aangezien stabiliteit nog ver weg is. Diverse leiders spraken zich wel uit voor deze planning. De Hoge Vertegenwoordiger voor het buitenlands beleid in de Europese Unie, Catherine Ashton, zei dat het toekomstige Afghaanse beleid niet gebaseerd moet worden op een kalender, maar op de realiteit.

Op 5 december 2011 was er in Bonn een derde internationale conferentie over steun aan Afghanistan.

2.

Het Europees Parlement

In een omstreden verslag in december 2010 gaf het Europees Parlement aan dat een nieuwe strategie voor vertrek uit Afghanistan in nauwe samenwerking met de Afghanen vorm moet krijgen. Ook de Taliban zou daarbij betrokken moeten worden. Europarlementariërs vonden het tijd om te erkennen dat de militaire interventie in Afghanistan mislukt was en zelfs voor een verslechtering van de veiligheidssituatie had gezorgd. Daarbij ziet de Afghaanse bevolking de coalitie steeds meer als een bezettingsmacht, wat meer evenwicht tussen de civiele en militaire aanpak noodzakelijk maakt. De EU-strategie in Afghanistan zou volgens het Parlement dan ook grondig herzien moeten worden.

De Europarlementariërs willen op vier hoofdterreinen verbetering zien: nauwkeurige afstemming van de rol van de Europese Unie en grotere betrokkenheid van de Afghaanse spelers bij het vredesproces, op het gebied van de kwaliteit van de politieopleidingen, de coördinatie van internationale hulpverlening en ook zou de opiumteelt uitgebannen moeten worden.

Afstemming van de rol van de Europese Unie en grotere betrokkenheid van de Afghaanse spelers in het vredesproces

Aanvankelijke misrekeningen van de coalitiemachten zouden geleid hebben tot een patstelling in het land. De aanwezigheid van de Taliban werd daarbij onderschat terwijl de capaciteit van de regering-Karzai om het land te besturen werd overschat. Dit leidde tot te weinig aandacht voor de wederopbouw en ontwikkeling van het land.  De enige mogelijke afloop ziet het Parlement in een politieke oplossing. Met de Taliban en andere strijdende partijen zou onderhandeld moeten worden, evenals met andere politieke actoren die bereid zijn een einde te maken aan de burgeroorlog en te zorgen voor de volledige eerbiediging van de rechtsstaat en fundamentele mensenrechten. Deze aanpak zou moeten plaatsvinden tegen de achtergrond van een staakt-het-vuren en moet enige tijd krijgen om zijn vruchten af te werpen.

De drie voornaamste voorwaarden voor het vredesproces waarbij de Taliban betrokken zijn moeten de volgende zijn:

  • de toezegging van alle bij de onderhandelingen betrokken partijen om Al-Qaida en andere terreurgroepen uit het land te verdrijven
  • het nemen van maatregelen om een einde te maken aan de papaverteelt
  • het voeren van een beleid dat de fundamentele mensenrechten respecteert

Politie-opleiding

De Europarlementariërs betreuren de inefficiëntie van de politie-opleiding. Enkele grote Amerikaanse particuliere beveiligingsondernemingen worden hiermee belast. Daarnaast is het aantal ongeletterden en drugsgebruikers onder de politiemensen hoog. Het Parlement roept op tot meer internationale samenwerking en coördinatie om zo de capaciteit en doelmatigheid van de politie-opleiding te vergroten, aangezien oprichting van een nationale politie een voorwaarde is voor de coalitiegroepen om zich terug te trekken. Het voorstel van de Europarlementariërs is dat EUPOL en NAVO/ISAF een grootschalig politie-opleidingsprogramma lanceren. De Afghaanse politie-eenheden kunnen hierin worden opgenomen.  

Internationale hulpverlening

De Europarlementariërs wijzen erop dat een aanzienlijk deel van de Europese en andere internationale financiële steun aan Afghanistan ergens in de loop van de verdeling verloren gaat. De voornaamste manieren waarop dit geschiedt zijn door verspilling, te hoge kosten voor intermediairs en veiligheid, overfacturering en corruptie. Het besluit om in 2012 50% van de internationale steun via de nationale Afghaanse begroting te doen sluizen zien zij dan ook als positief. Het Parlement ziet graag dat er een gecentraliseerde databank over alle EU-steun opgezet wordt en kredieten rechtstreeks worden toegewezen concrete projecten, die in partnerschap met Afghaanse instellingen kunnen worden uitgevoerd. Dit moet een einde maken aan het gebrek aan coördinatie en transparantie tussen donors.

"Krijgsheren, plaatselijke maffiabazen en uiteindelijk ook Talibanleiders" hebben volgens het Europees Parlement een aanzienlijk deel van de bijna 3 miljard dollar die aan militaire logistiek zijn besteed, kunnen bemachtigen. Dit werd veroorzaakt door het besluit de Amerikaanse militaire toeleveringsketen in privé-handen te geven. Ook uiten de Europarlementariërs kritiek op de VS vanwege hun aanpak om leiders van de rebellie af te zetten met gebruik van van methodes waarvan de legitimiteit in twijfel kan worden getrokken.

Einde opiumteelt

Inspanningen om de opiumteelt uit te roeien noemen de Europarlementariërs als vierde prioriteit. Het Parlement vraagt om een nationaal vijfjarenplan voor de uitroeiing van illegale aanplant van opium. Hiervoor zou een bureau opgericht moeten worden. Ook werd de Afghaanse regering en parlement gevraagd een verbod op chemische middelen voor de vernietiging van opiumteelt.

3.

Nederland

In 2008 heeft het Nederlandse parlement besloten de deelname aan de ISAF-missie in Afghanistan te verlengen tot 2010. Vanaf 2010 moest de NAVO voor opvolging zorgen.

Tijdens de Afghanistan-top in Den Haag, had de secretaris-generaal van de VN Ban Ki-Moon aangedrongen op langer verblijf van de Nederlandse troepen in Afghanistan. In februari 2010 zorgde de kwestie-Uruzgan voor een kabinetscrisis in Nederland en uiteindelijk tot de val van het kabinet Balkenende IV.

In januari 2011 liet minister-president Rutte weten dat de Nederlandse regering opnieuw troepen naar Afghanistan wil sturen. Het gaat om 225 civiele en militaire opleiders en trainers en 5 justitiële experts, die onder de vlag van de EU en de NAVO aan de slag gaan. Ook worden 125 militairen gestuurd voor medische, logistieke en stafondersteuning. Zij worden in de provincie Kunduz, deels in de hoofdstad Kabul en in Mazar-e-Sharif gestationeerd. In Mazar-e-Sharif staan 4 Nederlandse F16's paraat, ondersteund door 120 militairen. Vanaf deze locatie sporen de toestellen geïmproviseerde explosieven op en beschermen zij Afghaanse en internationale eenheden in acute noodsituaties. Ook werken er 70 militairen op diverse hoofdkwartieren. Zij volgen de internationale besluitvorming op de voet en verzamelen informatie. Daarnaast zijn er in Kabul en Kunduz ongeveer 40 Nederlandse politiemensen actief, die vooral betrokken zijn bij de opleiding van kaderfunctionarissen.

De geïntegreerde politietrainingsmissie EUPOL, waaraan Nederland deelneemt, duurt tot 2014. Het doel is om de verantwoordelijkheid voor de veiligheid in Kunduz geleidelijk over te dragen aan de Afghaanse overheid, en daarbij de justitiële keten waar de politie deel van uit maakt te verbeteren.

4.

Argumenten in de discussie

Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over de rol en uitdagingen voor de EU met betrekking tot Afghanistan, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger. De argumenten gaan over de rol die de EU in de discussie zou moeten spelen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.

Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw Reactie geven.

  • Het heeft geen zin om Afghanistan een "failed state" te noemen.

    De EU moet de democratisch gekozen regering in Afghanistan zo goed mogelijk ondersteunen in haar pogingen om van het land een democratische rechtstaat te maken. Typeringen als "failed state" zullen allesbehalve bijdragen aan een verbetering van de situatie. De bevolking zal ook niet positiever denken over de EU door zulke opmerkingen.

Uw reactie

Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.

5.

Meer informatie

Stel je vraag
Home