In veel landen wordt handel, industrie en landbouw gedomineerd door kinderarbeid. Kinderen worden gezien als goedkope arbeidskrachten; ouders zien ze als een extra bron van inkomsten en werkgevers hoeven lekker weinig voor ze te betalen. Wij profiteren hiervan, producten zijn lekker goedkoop. Gelukkig weten we veelal niet welk leed er achter een leuk nieuw shirt of een lekker stuk eten schuilt, zo houden wij ons geweten schoon.
Toch is het wrang dat wij onze kinderen het beste gunnen, en terecht, terwijl veel kinderen in andere landen dagenlang keihard onder de meest vreselijke omstandigheden moeten werken. Daarbij gaat het niet alleen om landen ver weg, ook binnen Europa komt kinderarbeid voor. In Roemenië, maar vooral ook in Albanië is er veel kinderarbeid te vinden. Schoenen worden bijvoorbeeld veelal gemaakt door kinderen; schoenen die in Italië en Griekenland worden soms verkocht als zijnde ‘made in Italy’. Ook in de landbouw en de veehouderij werken veel kinderen, zij werken vaak mee op de bedrijven van ouders.
Een veel gehoorde opmerking is dat het geld nodig is, dat anders gezinnen niet kunnen rondkomen. Het beetje geld dat de kinderen verdienen is hard nodig om het hoofd boven water te houden. Ik bestrijd dit, kinderarbeid is geen oplossing voor armoede. Kinderarbeid is een veroorzaker voor het in stand houden van armoede. Uit veel onderzoek blijkt dat juist als kinderen niet meer werken, en ze gewoon naar school gaan, het loon van volwassenen omhoog gaat. Kinderen zijn immers dan geen goedkope concurrentie voor volwassenen. Doordat de lonen van volwassenen omhoog gaan heeft het gezin als geheel evenveel en in sommige gevallen meer te besteden.
Kinderen horen naar school te gaan, zodat ze kunnen leren. Kinderen horen nou eenmaal niet dagenlang te werken, ze moeten kind kunnen zijn en naar school gaan. Op deze wijze hebben ze later ook meer kansen om uit de armoede te ontsnappen door een goede opleiding. Ik vind dat school de beste werkplaats is voor kinderen. Ouders verdienen beter door schoolgaande kinderen, de kinderen hebben een betere toekomst en het land waar deze kinderen wonen krijgt een hogeropgeleide bevolking. Een win-win-win-situatie lijkt me! En wij? Worden onze producten dan duurder? Misschien een beetje, wellicht een euro op een kledingstuk of enkele dubbeltjes op voedsel, maar dat moeten we er voor over hebben. Als wij onze kinderen het beste gunnen, dan gunnen we kinderen in andere landen dat toch ook!
Jamila Aanzi
Vicevoorzitter FNV Jong